Conclusie
Nummer23/04620
Inleiding
De zaak in het kort en de bewezenverklaring
Het eerste middel
Bewijsoverwegingen
A.
C.Het hof stelt vast dat aangeefster [slachtoffer 1] gedetailleerd en in de kern consistent heeft verklaard over hetgeen met de verdachte is voorgevallen. De verklaring van aangeefster vindt bovendien steun in de overige tot het bewijs gebezigde getuigenverklaringen van [slachtoffer 2], [getuige 7], [getuige 3] en [getuige 8], alsmede in het aangetroffen fotomateriaal.
Vraag maar eens aan jouw vriendin hoe trouw ze is want je kunt haar niet vertrouwen, vraag maar hoe het echt zit" en de spijtbetuiging van de zijde van de verdachte. Dit alles ondersteunt naar het oordeel van het hof de verklaring van aangeefster dat zij seksueel is misbruikt door de verdachte toen zij minderjarig was.
Het tweede middel
“13.Het proces-verbaal d.d. 4 juni 2019 (proces-verbaalnummer 2018143477-28), dossierpagina’s 111-112, voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant], inspecteur van politie, operationeel expert bij het Team Bestrijding Kinderporno & Kindersekstoerisme (TBKK) van de politie eenheid Limburg, digitaal rechercheur:
Het derde middel
.1985, 385) en luidde aanvankelijk als volgt: