Conclusie
Nummer23/00308
Inleiding
Het middel en de toelichting daarop
De strafmotivering van het hof
“Oplegging van straf en/of maatregel
Het beoordelingskader voor het middel
in het bijzonder” de redenen op te geven die hebben geleid tot de keuze voor een dergelijke straf, in plaats van een straf die geen vrijheidsbeneming meebrengt. Als straf of maatregel die vrijheidsbeneming meebrengt kan slechts worden aangemerkt een
onvoorwaardelijk opgelegde straf of maatregel. Mede gelet op de ratio van deze bepaling moet worden aangenomen dat voor de vraag of de door de rechter opgelegde straf of maatregel vrijheidsbeneming meebrengt alleen beslissend is het karakter van die straf of maatregel als zodanig, zodat niet van belang is of het door de rechter ingevolge artikel 27 lid 1 Sr Pro gegeven bevel ertoe leidt dat de veroordeelde uit hoofde van de veroordeling niet meer van zijn vrijheid wordt beroofd. [1]
datén
waaromeen zodanige sanctie wordt opgelegd, en niet met (bijvoorbeeld) een voorwaardelijke straf kon worden volstaan. [3] , [4] De motivering van een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf voldoet niet aan dit vereiste indien wordt volstaan met een zogenoemde standaardoverweging waarin slechts wordt overwogen dat “
de na te melden strafoplegging” in overeenstemming is met de aard en de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van de verdachte. [5] , [6]
De bespreking van het middel
nietimponeert als te-kort-door-de-bocht en dat het hof uitgebreid stilstaat bij met name de beschrijving van (de ernst van) het bewezen verklaarde feit en de eerdere soortgelijke veroordeling.
onvoorwaardelijkegevangenisstraffen van aanzienlijke duur rechtvaardigen maar ook dat het in de genoemde persoonlijke omstandigheden van de verdachte reden ziet om een aanzienlijk lagere
onvoorwaardelijkegevangenisstraf op te leggen dan anders het geval zou zijn geweest. Het hof staat stil bij de persoonlijke situatie van de verdachte en zijn inspanningen om excuses te maken aan het slachtoffer en betrekt een en ander blijkens de strafmotivering bij het oordeel. Ook gaat het hof uitgebreid in op de reden waarom het niet kan volstaan met een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf of een onvoorwaardelijke gevangenisstraf die beperkt is tot de tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht.
dateen (deels) onvoorwaardelijke vrijheidsbenemende straf wordt opgelegd maar ook dat het uitgebreid is ingegaan
waaromeen zodanige sanctie aan de verdachte in dit geval wordt opgelegd. Zodoende heeft het hof conform artikel 359 lid 6 Sv Pro “
in het bijzonder” de redenen opgegeven die hebben geleid tot de keuze voor het opleggen van een (deels) onvoorwaardelijke vrijheidsstraf. Het middel is dan ook tevergeefs voorgesteld.