Conclusie
Nummer22/03503
De bewezenverklaring, de bewijsmiddelen en de bewijsoverweging
[aangever]:
[betrokkene 2]:
[betrokkene 3]:
Bewijsoverweging
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte werd door het gerechtshof Amsterdam veroordeeld voor openlijk in vereniging geweld plegen tegen een persoon en bedreiging met brandstichting. Het hof stelde vast dat de verdachte samen met een medeverdachte een geschil had met het slachtoffer over gehuurde scooters, waarbij zij gezamenlijk verhaal kwamen halen en geweld gebruikten. Het hof oordeelde dat de medeverdachte een significante bijdrage leverde aan het geweld, wat voldoet aan het vereiste van nauwe en bewuste samenwerking.
De verdachte stelde in cassatie een middel in dat de bewezenverklaring van openlijk geweld onvoldoende gemotiveerd zou zijn, met name over de locatie waar het geweld plaatsvond. De Procureur-Generaal concludeerde dat het hof voldoende had gemotiveerd dat de geweldshandelingen plaatsvonden aan een openbare weg, namelijk aan de [a-straat 1] ter hoogte van [01], en dat het geweld zich op zodanige wijze voltrok dat de openbare orde werd verstoord.
De Hoge Raad volgt deze conclusie en wijst erop dat het begrip 'openlijk' in art. 141 Sr Pro inhoudt dat het geweld zich onverholen en zichtbaar voor publiek voltrok, zonder dat daadwerkelijk publiek aanwezig hoeft te zijn. De omstandigheden van het geval, waaronder de locatie en de gedragingen van de verdachte en medeverdachte, maken het oordeel van het hof niet ontoereikend. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor openlijk in vereniging geweld plegen blijft in stand.