Conclusie
1.Inleiding
Code de droit international privévan Monaco is in deze zaak verder onder meer de vraag aan de orde of een buitenlandse ipr-wet die erkenning en tenuitvoerlegging van een door de Nederlandse rechter uitgesproken proceskostenveroordeling in het woonland van eiser mogelijk maakt, mede valt onder de uitzondering van art. 224 lid 2 onder Pro b Rv. Mijns inziens is dat niet het geval.
2.Korte duiding van de feiten en het procesverloop in de hoofdzaak
3.De incidentele vordering en het verweer
Code de droit international privévan Monaco, waaruit volgt dat Monaco Nederlandse vonnissen erkent en dat tenuitvoerlegging in Monaco mogelijk is.
4.Bespreking van de incidentele vordering
Code de droit international privéuit 2017
. [15] Het derde hoofdstuk van de wet heeft betrekking op de erkenning en tenuitvoerlegging van buitenlandse vonnissen en openbare akten. Op grond van art. 13 van Pro deze wet [16] worden door buitenlandse rechters gegeven beslissingen die kracht van gewijsde hebben in Monaco van rechtswege erkend, behoudens de uitzonderingen van art. 15. De uitzonderingen van art. 15 zien Pro op respectievelijk een gebrek in de rechtsmacht van de buitenlandse rechter [17] (onder 1), schending van de rechten van de verdediging (onder 2), kennelijke strijd met de openbare orde van Monaco (onder 3), strijd met een tussen dezelfde partijen in Monaco gegeven beslissing of een reeds eerder erkende buitenlandse beslissing (onder 4) en het geval waarin er tussen dezelfde partijen over hetzelfde onderwerp eerder een procedure aanhangig is gemaakt (onder 5). [18] De oplettende lezer herkent de criteria zoals die zowel in het commune ipr volgens het
Gazprombank-arrest van uw Raad [19] als onder het regime van de EEX-Verordening [20] gangbaar zijn respectievelijk waren (vergelijk thans art. 45 Brussel Pro I-bis). Voor tenuitvoerlegging is volgens art. 14 verlof Pro van de Monegaskische rechter nodig, [21] die volgens art. 20 in Pro een gewone procedure kan worden verzocht. [22] Volgens art. 16 wordt Pro in de erkenningsprocedure in geen geval overgegaan tot een onderzoek van de juistheid van de in den vreemde gegeven beslissing. [23]
of een wet’. [25] Het is echter allerminst vanzelfsprekend dat daarmee (mede) de wet van een vreemde staat bedoeld zou kunnen zijn. Het begrip ‘wet’ in Nederlandse wet- en regelgeving staat in het algemeen voor een Nederlandse wet in formele zin. Zou de wetgever met de bepaling van art. 224 lid 2 onder Pro b Rv een andere bedoeling hebben gehad, dan ligt het voor de hand dat dit in de wettekst tot uitdrukking was gebracht.
C. de marktwaarde van het perceel zonder woonbestemming en bebouwing