Conclusie
Nummer22/00614
Inleiding
Het eerste en het tweede middel
Wat the fuck, wie ben jij en waar ben ik?".
eerste middellees, komen er kort gezegd op neer dat (i) het oordeel van het hof dat het slachtoffer verkeerde in een toestand van verminderd bewustzijn ‘vooral [lijkt] te steunen op de slachtofferverklaring van een vermeend slachtoffer dat geen aangifte heeft willen doen’ en (ii) het hof niet (nader) heeft gemotiveerd hoe het de bevindingen uit het toxicologisch rapport beoordeelt.
tweede middelbestreden gebruik van het ‘informatief gesprek’ voor het bewijs. De term ‘informatief gesprek’ lijkt mij te herleiden tot de Aanwijzing zeden (
Stcrt.2016, 19414) van het Openbaar Ministerie en zou daarom moeten worden begrepen zoals in die Aanwijzing wordt bedoeld, te weten als een gesprek dat in beginsel aan een aangifte voorafgaat. Dit gesprek dient enerzijds om de melder te informeren over de gevolgen van het doen van aangifte en de mogelijke impact van het strafrechtelijke traject. Daarnaast wordt informatie gegeven over de mogelijkheden van hulpverlening, slachtofferrechten en juridische bijstand. Anderzijds wordt op basis van de inhoud van het gesprek door politie en Openbaar Ministerie afgewogen of strafrechtelijk optreden aangewezen is en zo ja op welke wijze (vgl. § 2.1 van de Aanwijzing). Hetgeen volgens de betrokkene is gebeurd, zal daarom in beginsel aan de orde komen in een informatief gesprek.