ECLI:NL:PHR:2025:1148
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bevestiging veroordeling witwassen en verbeurdverklaring geldbedragen ondanks betwisting herkomst
De verdachte is door het hof veroordeeld wegens witwassen van een geldbedrag van €23.085 dat op 2 maart 2021 in zijn woning werd aangetroffen. Het hof bevestigde het vonnis van de politierechter, die een taakstraf van 60 uur en subsidiair 30 dagen hechtenis oplegde en de inbeslaggenomen geldbedragen verbeurd verklaarde.
De verdachte betwistte in hoger beroep de wetenschap dat het geld afkomstig was uit enig misdrijf en voerde aan dat het geld legaal was verkregen van een familielid vlak voor diens overlijden. Het hof oordeelde echter dat de verdachte geen concrete, verifieerbare en geloofwaardige verklaring gaf en dat het geld, mede gelet op de coupures en het ontbreken van legale inkomsten, vrijwel zeker uit een misdrijf afkomstig was.
De Hoge Raad concludeert dat het hof de bewijsvoering en motivering terecht heeft beoordeeld en dat het middel over de wetenschap van de verdachte faalt. Ook het middel over de motivering van de verbeurdverklaring wordt verworpen, omdat het verbeurd verklaarde bedrag overeenkomt met het bewezen verklaarde bedrag. Ambtshalve wordt opgemerkt dat de redelijke termijn is overschreden, maar dit leidt niet tot strafvermindering vanwege de lichte straf.
De conclusie van de procureur-generaal strekt tot verwerping van het cassatieberoep, waarmee de veroordeling en verbeurdverklaring ongewijzigd blijven.
Uitkomst: Cassatieberoep verworpen; veroordeling voor witwassen en verbeurdverklaring van €23.085 bevestigd.