Conclusie
1.Inleiding
2.Het eerste middel
Ten aanzien van het bewezenverklaarde onder feit 1 en feit 2
giralemiddelen had om die betaling te verrichten. [4]
3.Het tweede middel
hebbenwist dat het goed door misdrijf was verkregen. Bepalend is het moment waarop de verdachte het goed voorhanden
kreeg. De rechter mag bij de bewijsvoering ter zake van de wetenschap van de herkomst uit misdrijf “ten tijde van” het voorhanden krijgen van een goed betrekken dat aanwijzingen ontbreken dat de wetenschap van de herkomst uit misdrijf eerst is ontstaan na het voorhanden krijgen van het goed. Daarbij kan de procesopstelling van de verdachte, in de zin van het uitblijven van een aannemelijke verklaring, een rol spelen. [7]
de berging’behorende bij de woning waar de verdachte en zijn moeder woonachtig waren. In ‘die berging’ werd een motorfiets aangetroffen, die als gestolen geregistreerd stond. De motorfiets bleek eind mei 2019 te zijn gestolen, nadat de gebruiker deze middels het stuurslot had afgesloten. De kentekenplaat van de aangetroffen motorfiets was gevouwen en in eerste instantie onleesbaar. Verder stak er een schroevendraaier uit het contactslot. In de bewijsmiddelen is vastgesteld dat er twee kelderboxen zijn, een linker en een rechter, met twee verschillende sleutels. De bewijsmiddelen bevatten tevens een verklaring van de moeder van de verdachte dat zij denkt dat haar zoon van beide kelderboxen een sleutel heeft.