Conclusie
1.Inleiding
2.Feiten en procesverloop
3.Bespreking van het principaal cassatiemiddel
Rederij Lovers is voorts rechthebbende op de zogeheten Raamsdonksteiger, de steiger welke is gelegen net vóór de fietsflat in het Open Havenfront aan de west-noordzijde. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat de steiger buiten het vastgestelde bestemmingplan Eerste Partiële Herziening Stationseiland-fietsflat valt. De Raamsdonksteiger is met een hek afgegrendeld en is niet voor het publiek toegankelijk. De steiger biedt twee ligplaatsen voor vaartuigen van Rederij Lovers [...]. De Raamsdonksteiger wordt aldus sinds jaar en dag gebruikt voor het aan- en afmeren van deze twee vaartuigen.”
productie 16 bij de dagvaarding in eerste aanlegovergelegde “Nota van Beantwoording zienswijzen bestemmingsplan Stationseiland” d.d. 17/18 december 2013 (de Nota). (….)”.’
Tegenvordering niet verjaard
vordering is onderworpen aan verjaring op de voet van art. 3:310 lid 1 BW Pro. Voor zover de schade waarvan de benadeelde vergoeding wenst, bestaat in het verlies van zijn eigendom, neemt de vijfjarige verjaringstermijn ingevolge die bepaling een aanvang op het moment dat de benadeelde bekend is met zijn eigendomsverlies (en met de daarvoor aansprakelijke persoon), en is de verjaring in elk geval voltooid twintig jaar na de voltooiing van de verjaring van art. 3:314 lid 2 BW Pro, zijnde de gebeurtenis waardoor de schade - het verlies van de eigendom - is veroorzaakt.” (Hoge Raad, 24 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:309 (Gemeente Heusden))