Conclusie
1.Inleiding
2.De zaak
3.Het middel
Op te leggen sanctie
Wanneer het hof toch tot een bewezenverklaring van feit 3 komt dan kan met een taakstraf in combinatie met een langdurige voorwaardelijke gevangenisstraf worden volstaan. Bij de strafoplegging dient het tijdsverloop te worden betrokken en de omstandigheid dat cliënt in zijn leven een stap in de goede richting heeft gezet. Zo heeft hij een nieuwe relatie die stabiliteit biedt en begint hij mogelijk met een beroepsopleiding. Evenmin heeft cliënt na de onderhavige feiten nieuwe strafbare feiten gepleegd. Voor wat betreft de duur van de op te leggen taakstraf refereer ik me aan het oordeel van het hof.”
bepaaldestraf zich daartoe verhoudt, staat voorop dat namens de verdachte in cassatie niet met succes kan worden geklaagd over de afwijking door het hof van een standpunt dat niet door of namens de verdachte is ingenomen. Weliswaar wordt in cassatie opgemerkt dat de verdediging zich met het standpunt van de advocaat-generaal heeft vereenzelvigd en daarom geen verweer heeft gevoerd, maar uit het proces-verbaal dat van de terechtzitting is opgemaakt (zoals weergegeven onder randnummer 3.3) volgt dat niet. Ten overvloede merk ik op dat het hof heeft overwogen geen reden te zien om toepassing te geven aan art. 9a Sr. De klacht dat het hof “deze afwijking op geen enkele wijze gemotiveerd” heeft en de klacht dat een opgave van redenen geheel ontbreekt, missen daarom feitelijke grondslag.
bepaaldestraf niet te begrijpen is in het licht (van de motivering) van de door het hof
opgelegdestraf, waarbij het hof duidelijk aansluiting heeft gezocht bij de strafoplegging door de rechtbank.