ECLI:NL:RBALM:2008:BG5098
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Veer
- Inden
- Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens verjaring aansprakelijkheid voor asbestgebruik erfverharding
Y is overleden aan mesothelioom, vastgesteld in 2004, vermoedelijk veroorzaakt door asbesthoudend bedrijfsafval van Eternit gebruikt voor erfverharding in 1958-1963. X, haar echtgenoot en mede-erfgenaam, vordert schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen en nalatigheid van Eternit.
Eternit erkent het gebruik van asbesthoudend afval maar beroept zich op absolute verjaring volgens artikel 3:310 BW Pro, aangezien de laatste verharding in 1963 plaatsvond en de diagnose pas in 2004 werd gesteld. De rechtbank volgt de Hoge Raad in het strikt toepassen van de dertigjarige verjaringstermijn, ondanks de lange incubatietijd van mesothelioom.
X betoogt dat Eternit naliet te waarschuwen en het afval terug te halen, maar ook deze vorderingen zijn verjaard volgens artikel 3:314 BW Pro. De rechtbank oordeelt dat de vordering onvoldoende onderbouwd is, met name de materiële schade, en dat de verjaring niet onaanvaardbaar is. De vordering wordt afgewezen en X wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van X wordt afgewezen wegens verjaring en X wordt veroordeeld in de proceskosten.