ECLI:NL:RBAMS:2007:BE9864
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling Dexia wegens schending zorgplicht bij effectenleaseovereenkomst
Eisers sloten in juli 2001 een effectenleaseovereenkomst met Dexia, waarbij zij aandelen leasen met een looptijd van 15 jaar en maandelijkse termijnen. Na het niet voldoen van verdere betalingen stelde Dexia een eindafrekening op, waarna eisers de vordering betwistten en Dexia aansprakelijk stelden wegens schending van haar zorgplicht.
De rechtbank oordeelde dat de lease-overeenkomst kwalificeert als huurkoop en dat Dexia aansprakelijk is voor het handelen van haar tussenpersoon. Het beroep op vernietiging wegens niet medeondertekening en dwaling werd afgewezen. De rechtbank stelde vast dat Dexia onvoldoende had voldaan aan haar zorgplicht, met name door nalaten van adequate informatieverstrekking en onvoldoende toetsing van de financiële positie en ervaring van eisers.
Op basis van een categoriemodel werd het nadeel geschat en verdeeld: 60% voor rekening van Dexia en 40% voor eisers. Dexia werd veroordeeld tot betaling van een bedrag van €21.194,78 plus wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. De overige vorderingen werden afgewezen en de eigendom van de effecten blijft bij Dexia.
Uitkomst: Dexia wordt veroordeeld tot betaling van €21.194,78 plus rente en incassokosten wegens schending van haar zorgplicht.