ECLI:NL:RBAMS:2011:BT7651
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling serieverkrachter tot tien jaar gevangenisstraf met schadevergoedingen
Deze strafzaak betreft een serieverkrachter die in 1996 meerdere vrouwen heeft mishandeld, verkracht en beroofd in Amsterdam. De rechtbank Amsterdam heeft op 14 oktober 2011 uitspraak gedaan na een uitgebreid onderzoek met DNA-bewijs, getuigenverklaringen en deskundigenrapporten.
De rechtbank achtte een groot deel van de ten laste gelegde feiten bewezen, waaronder verkrachtingen, aanrandingen met zwaar lichamelijk letsel (zoals posttraumatische stressstoornissen) en diefstal met geweld. De psychische klachten van slachtoffers werden als zwaar lichamelijk letsel aangemerkt. De verdediging voerde vrijspraak aan voor enkele feiten wegens gebrek aan bewijs en betwistte de causaliteit van psychische klachten, maar deze verweren werden grotendeels verworpen.
Verdachte werd niet veroordeeld tot TBS omdat de rechtbank vond dat zijn antisociale persoonlijkheidsstoornis niet zodanig invloed had op zijn handelen dat hij verminderd toerekeningsvatbaar was. De samenloopregeling werd door de rechtbank niet strikt toegepast vanwege de bijzondere omstandigheden van de zaak en het belang van slachtoffers.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van tien jaar op, zonder voorwaardelijke straf, en kende schadevergoedingen toe aan drie slachtoffers, met wettelijke rente en de maatregel van artikel 36f Sr als waarborg voor betaling. Verdachte werd vrijgesproken van enkele feiten wegens onvoldoende bewijs of verjaring. De uitspraak benadrukt de ernst van de feiten en de impact op slachtoffers.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf en moet schadevergoedingen betalen aan slachtoffers; TBS-maatregel is afgewezen.