Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Inleiding
- de toeslag moet worden aangevraagd door (of namens) de ouder(s);
- het kind moet naar een geregistreerde kinderopvangorganisatie gaan;
- de ouders dienen te werken, of een traject naar werk te volgen;
- de hoogte van de toeslag is afhankelijk van het inkomen van de ouder(s);
- de hoogte van de toeslag is afhankelijk van het aantal opvanguren, het uurtarief en het soort opvang dat plaatsvindt.
5.Ter terechtzitting gedane verzoeken
6.Waardering van het bewijs
- Had verdachte een rol bij het indienen van valse aanvragen KOT en zo ja, welke?
- Is verdachte betrokken geweest bij het valselijk opmaken of vervalsen van geschriften en/of heeft hij gebruik gemaakt van deze valse of vervalste geschriften?
- Heeft verdachte zich in zaak A en B schuldig gemaakt aan (gewoonte)witwassen?
- Is sprake van een criminele organisatie en heeft verdachte daaraan deelgenomen?
middellijkewijze uit eigen misdrijf zijn verkregen. Het betreft hier immers gelden die ten gevolge van de oplichtingshandelingen van verdachte bij aanvrager zijn binnengekomen en vervolgens voor een deel zijn doorgeleid naar verdachte, die deze gelden aldus heeft verworven en voorhanden gehad, een en ander in nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en de desbetreffende aanvragers. Deze overdracht moet naar het oordeel van de rechtbank worden beschouwd als een handeling die erop is gericht ‘om haar criminele opbrengsten veilig te stellen’. Immers, door de overdracht aan verdachte is er sprake van een gedraging die meer omvat dan het enkele verwerven of voorhanden hebben en die een op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van dat door eigen misdrijf verkregen voorwerp gericht karakter heeft. Inherent aan deze specifieke situatie is dat de kwalificatieuitsluitingsgrond niet van toepassing is (vgl. HR 25-03-2014, ECLI:NL:HR:2014:702, r.o. 3.8.).
7.Bewezenverklaring
8.De strafbaarheid van de feiten
9.De strafbaarheid van verdachte
10.Motivering van de straffen en maatregelen
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
12.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstraf van 30 (dertig) maanden.