Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer van 22 oktober 2015 in de zaken tussen
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres (14/6854)
Procesverloop
Overwegingen
Op 11 juni 2013 en 10 december 2013 heeft eiser vijf afzonderlijke zogenoemde aanvragen “Short stay vergunning” ingediend voor de woningen gelegen aan de [adres 6] . Deze aanvragen zijn feitelijk aanvragen om een vergunning voor woningonttrekking op grond van de Huisvestingswet. Deze aanvragen zijn op grond van artikel 35, tweede lid, van de Huisvestingswet, in samenhang met de bepalingen in het bestemmingsplan “ [naam bestemmingsplan] ” mede aangemerkt als een verzoek om een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), te weten gebruik als ‘short stay’ op gronden waarop dat niet is toegestaan.
20 februari 2014 heeft het dagelijks bestuur van het stadsdeel aan eiser de gevraagde woningonttrekkingsvergunning verleend voor de woning aan de [adres 2] voor de duur van tien jaar.
Beslissing
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt verweerder op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op de bezwaarschriften met inachtneming van deze uitspraak;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 165,- (zegge: honderd en vijfenzestig euro) aan eiseres te vergoeden;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 165,- (zegge: honderd en vijfenzestig euro) aan eiser te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 980,- (zegge: negenhonderd en tachtig euro);
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 980,- (zegge: negenhonderd en tachtig euro).
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 22 oktober 2015.