Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 16 februari 2016 in de zaak tussen
[de man] , te Amsterdam, eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Rechtbank Amsterdam
Eiser, eigenaar van een woning te Amsterdam, kreeg een bestuurlijke boete van €12.000 opgelegd wegens het exploiteren van zijn woning op hotelmatige wijze zonder vergunning, in strijd met artikel 30 van Pro de Huisvestingswet. Verweerder startte een onderzoek na meldingen en constateerde dat de woning op diverse websites als hotel werd aangeboden en dat eiser niet als hoofdverblijf in de woning verbleef.
Eiser voerde aan dat hij wel zijn hoofdverblijf had in de woning en dat er geen onttrekking aan de woonbestemming had plaatsgevonden. Ook stelde hij dat verweerder hem niet vooraf had geïnformeerd over het onderzoek. De rechtbank oordeelde dat verweerder niet verplicht was om vooraf te waarschuwen vanwege veiligheids- en praktische redenen en dat eiser onvoldoende bewijs leverde dat hij hoofdverblijf had in de woning.
De rechtbank concludeerde dat de woning onttrokken was aan de woonbestemming door de hotelmatige verhuur aan toeristen zonder vergunning. De opgelegde boete was conform de Huisvestingsverordening en niet onredelijk hoog. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete van €12.000 wegens illegale exploitatie van de woning als hotel is ongegrond verklaard.