ECLI:NL:RBAMS:2022:4058
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing naturalisatieverzoek wegens niet verstreken rehabilitatietermijn
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn naturalisatieverzoek door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Het verzoek werd geweigerd omdat eiser op 3 juli 2017 door het gerechtshof Amsterdam werd veroordeeld tot 80 uren taakstraf wegens mishandeling, en de rehabilitatietermijn van vijf jaar na het voltooien van deze taakstraf nog niet was verstreken.
De rechtbank overweegt dat het beleid voorschrijft dat naturalisatie wordt geweigerd indien binnen vijf jaar voorafgaand aan het verzoek een sanctie is opgelegd, en dat hiervan slechts in zeer bijzondere omstandigheden kan worden afgeweken. Eiser stelde dat verweerder ten onrechte niet van het beleid is afgeweken, onder meer omdat hij een VOG voor taxichauffeur heeft verkregen en zijn persoonlijke omstandigheden gunstig zijn. De rechtbank oordeelt dat deze omstandigheden geen bijzondere omstandigheden vormen die afwijken van het beleid rechtvaardigen.
Ook het beroep op de hoorplicht faalt, omdat verweerder op voorhand mocht aannemen dat het bezwaar geen kans van slagen had. De rechtbank concludeert dat de afwijzing van het naturalisatieverzoek terecht is en dat eiser na het verstrijken van de rehabilitatietermijn opnieuw een verzoek kan indienen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het naturalisatieverzoek wordt ongegrond verklaard omdat de rehabilitatietermijn nog niet is verstreken.