ECLI:NL:RVS:2019:3920
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing naturalisatieverzoek wegens gevaar voor openbare orde door ontnemingsmaatregel
Appellant verzocht om naturalisatie, maar de staatssecretaris wees dit verzoek af op grond van artikel 9, eerste lid, aanhef en onder a, van de Rijkswet op het Nederlanderschap, omdat ernstige vermoedens bestonden dat appellant een gevaar vormde voor de openbare orde. Dit werd gebaseerd op een openstaande vordering van € 4.536,64 wegens een ontnemingsmaatregel opgelegd wegens handelen in strijd met de Opiumwet.
Appellant voerde aan dat de ontnemingsmaatregel ten tijde van het strafbare feit nog niet in de Handleiding RWN was opgenomen, waardoor het beleid in strijd zou zijn met het legaliteitsbeginsel en de rechtszekerheid. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde echter dat de ontnemingsmaatregel wel was opgenomen in de Handleiding RWN ten tijde van het verzoek om naturalisatie en de beslissing daarop, en dat het legaliteitsbeginsel niet van toepassing is op bestuursrechtelijke besluiten.
De Afdeling bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het beroep op het legaliteitsbeginsel en de rechtszekerheid faalt en verklaarde het hoger beroep ongegrond. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het naturalisatieverzoek bevestigd.