Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
vonnis van de kantonrechter
[eiseres]
de besloten vennootschap [gedaagde] B.V.
de Europese vennootschap MS Amlin Insurance S.E.
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten
Het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen en in het bijzonder mondneusmaskers wordt buiten het ziekenhuis alleen geadviseerd in de verpleeghuiszorg, huisartsenzorg, thuiszorg en gehandicaptenzorg waar lichamelijk ernstig zieke of zeer kwetsbare personen worden behandeld of verpleegd.
Ter bescherming van de medewerker bij een hoestende / niezende patiënt verdacht voor coronavirusinfectie
Het uit voorzorg gebruiken van PBM bij patiënten die geen (verdenking op) COVID-19 hebben is niet nodig en gelet op de schaarste van PBM ook niet gewenst.”
wel PBMnodig.
Chirurgisch mondneusmaskerbij reguliere zorg.
Spatbril/veiligheidsbril.
Handschoenen
Het geschil
De beoordeling
verdenkingen dat het aan de dienstdoende arts, en niet de verpleegkundigen zelf, was om te besluiten of er sprake was van een verdenking op covid-19. Dit staat in meergenoemde werkinstructie onder het kopje “Diagnostiek en besluit isolatie” en is namens werkgeefster ter zitting erkend. Deze situatie heeft volgens werkneemster ertoe geleid dat zij in de betreffende periode bij een bewoner waar het snot uit de neus liep een triage heeft uitgevoerd zonder PBM. Ook bij bewoner 1 was dat het geval, terwijl werkneemster voor het afnemen van de triage de wens te kennen had gegeven om PBM te mogen gebruiken, maar de arts heeft daar geen toestemming voor had gegeven, zo heeft werkneemster onbestreden gesteld.