Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
the Regional Court in Poznań, Polen (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
the District Court in Środa Wielkopolskavan 3 november 2023 (referentie: II K 322/23),
amended by the judgment of the Regional Court in Poznańvan 10 mei 2024 (referentie: IV Ka 213/24);
the District Court in Środa Wielkopolskavan 15 februari 2024 (referentie: II K 528/23).
the Regional Court in Poznańvan 10 mei 2024 (referentie: IV Ka 213/24) aan artikel 12 OLW Pro getoetst dient te worden.
4.Strafbaarheid; feiten waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist
5.Artikel 11 OLW Pro: artikel 47 van Pro het Handvest van de grondrechten van de EU
6.Artikel 7 Handvest Pro van de grondrechten van de Europese Unie (family life)
family life, zoals bedoeld in artikel 7 Handvest Pro. Vanwege de tijdelijke aard van de beperking, is de verhouding tussen de belangen die overlevering beoogt te dienen en de beperking in de uitoefening van het recht op familie- en gezinsleven van de opgeëiste persoon, op zichzelf niet onevenredig.
7.Slotsom
8.Toepasselijke wetsbepalingen
9.Beslissing
[opgeëiste persoon]aan
the Regional Court in Poznań,Polen, ten behoeve van de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf van 8 maanden die is opgelegd bij het vonnis met referentie II K 528/23 voor het feit waarvoor overlevering wordt toegestaan.