Uitspraak
1.[verweerder 1] ,
2.
[verweerder 2] B.V.,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
De werknemer is sinds 2012 in dienst als ober bij de werkgever. Op 23 oktober 2024 heeft de werkgever de arbeidsovereenkomst per direct opgezegd wegens sluiting van het restaurant, zonder inachtneming van de opzegtermijn en zonder loonbetaling.
De werknemer vordert onder meer betaling van achterstallig loon, een gefixeerde schadevergoeding wegens onregelmatige opzegging, een transitievergoeding en een billijke vergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever. De werkgever heeft geen verweer gevoerd.
De kantonrechter stelt vast dat de opzegging niet rechtsgeldig is omdat geen schriftelijke instemming is gegeven en de opzegtermijn niet is gerespecteerd. De werkgever wordt veroordeeld tot betaling van het achterstallige loon met wettelijke verhoging en rente, de gefixeerde schadevergoeding, de transitievergoeding en een billijke vergoeding van €15.000 vanwege het ernstig verwijtbaar handelen.
De kantonrechter wijst ook toe dat de werknemer recht heeft op de gevraagde salarisspecificaties. De vorderingen jegens de tweede verweerder worden afgewezen omdat deze niet als werkgever kan worden aangemerkt.
De proceskosten worden aan de werkgever opgelegd vanwege het verwijtbare handelen en het niet voeren van verweer.
Uitkomst: Werkgever is veroordeeld tot betaling van billijke vergoeding, transitievergoeding, schadevergoeding en achterstallig loon wegens onregelmatige en niet rechtsgeldige opzegging.