Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de voorzieningenrechter van 20 januari 2026 in de zaak tussen
[verzoeker] , uit [woonplaats] , verzoeker
de burgemeester van de gemeente Aalsmeer, verweerder (hierna: de burgemeester)
Samenvatting
.Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe hij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.
Procesverloop
.De burgemeester is hier op grond van artikel 13b van de Opiumwet toe overgegaan na het aantreffen van een handelshoeveelheid drugs in de woning.
Totstandkoming
12 september 2025 voor de woning gepost. Hierbij zijn meerdere flitsbezoeken waargenomen. Op 28 november 2025 is er wederom gepost voor de woning. Kort na aankomst zagen de verbalisanten direct een man uit de woning komen. Ongeveer 20 minuten later verliet een tweede man de woning. Eén van de twee mannen is staande gehouden en had meer dan de gebruikershoeveelheid drugs bij zich.Hij verklaarde dat verzoeker de softdrugs voor hem heeft gekocht bij de coffeeshop. Vanwege deze constateringen is besloten om de woning binnen te treden. Omstreeks 18:44 uur vond de instap plaats. In een kleine kamer in de woning stond een grote groene ton. In deze ton zijn negen zakken met hennep aangetroffen. In het midden van de woonkamer stond een kleine rode bank. Onder de bank zijn nog twee zakken met hennep aangetroffen. De zakken hadden een totaal gewicht van 1.409,59 gram. Tussen de linker leuning en het zitvlak van de rode bank zijn een ploertendoder, een vlindermes en een telefoon aangetroffen. Vanaf de rode bank was er zicht op een andere grotere bank, die aan de linkerkant van de woning stond. Naast deze grote bank stonden twee doosjes met gripzakjes. Deze doosjes stonden open. Op de salontafel in de woonkamer trof de politie 53,26 gram hasj aan. Ook werd een weegschaal op de salontafel aangetroffen en een spaarpot waarin € 1.950,- aan contanten zat.