Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
vonnis van de kantonrechterkort geding
[eiseres]
Stichting Regionaal Opleidingencentrum van Amsterdam-Flevoland
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Uitgangspunten
4.5 Alles overziend is het belang van [eiseres] om te herstellen op [locatie 1] zwaarwegender dan het belang van ROC om op een andere locatie in [plaats] te re-integreren. Uitgangspunt bij een re-integratie is een spoedig herstel in eigen functie. De stelling van [eiseres] zij op [locatie 1] spoediger herstelt, lijken ook steun te vinden in de verschillende rapportages van de bedrijfsarts. Verder zijn partijen het erover eens dat [eiseres] in haar dienstverband alleen werkzaam is geweest op [locatie 1]. Op de zitting heeft de kantonrechter [eiseres] gewezen dat re-integratie op [locatie 1] voor haar wel een risico kan inhouden. Namelijk dat het achterliggende arbeidsconflict op die werkplek tijdens de re-integratie tot uitbarsting komt, wellicht ook uit een andere hoek dan zij verwacht. Op de zitting heeft zij verklaard dat het ook dan haar uitdrukkelijke wens is daar te re-integreren.
De kantonrechter5.1 veroordeelt het ROC om [eiseres] onverwijld na betekening van dit vonnis toe te laten tot re-integratie in haar eigen functie als [docent], binnen haar eigen team en op haar eigenlocatie, te weten [locatie 1], met inachtneming van haar medische belastbaarheid en de adviezen van de bedrijfsarts,5.2. veroordeelt het ROC om binnen vijf dagen na betekening van dit vonnis het opgestelde plan van aanpak aan te passen op de locatie van re-integratie,
Vordering
I dat ROC wordt bevolen het vonnis van 7 april 2026 na te komen inhoudende dat het ROC
a [eiseres] onverwijld toelaat tot re-integratie in haar eigen functie als [docent], binnen haar eigen team en op haar eigen locatie, te weten [locatie 1], met inachtneming van haar medische belastbaarheid en de adviezen van de bedrijfsarts;
b binnen vijf dagen na betekening van het vonnis het opgestelde plan van aanpak aanpast op de locatie van de re-integratie,
zulks op straffe van een dwangsom van € 5.000,00 per dag tot een maximum van
€ 500.000,00, althans een in goede justitie te bepalen bedrag;
II ROC te veroordelen in de kosten van de procedure.
Beoordeling
- kosten dagvaarding € 155,02
- griffierecht € 93,00
- salaris gemachtigde € 577,00
- nakosten
€ 72,00Totaal € 897,02