Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.De procedure
2.De zaak in het kort en leeswijzer
3.Het geschil
bijlage 1bij dit vonnis. De vorderingen van [eiser] zijn ingedeeld in vier categorieën, zoals hiervoor weergegeven onder 2.3. De vorderingen van [eiser] zijn als volgt samen te vatten:
Vorderingen die gegrond zijn op schending zorgplicht bij beleggings-dienstverlening(
vordering I tot en met XVIII (met uitzondering van vorderingen XII, XIV en XVII) van het petitum in bijlage 1 bij dit vonnis), waarbij [eiser] een verklaring voor recht vordert dat ABN AMRO is tekortgeschoten in haar zorgplicht en/of onrechtmatig heeft gehandeld jegens [naam 1] door:
vordering I tot en met XIX (met uitzondering van vordering XII) van het petitum in bijlage 1 bij dit vonnis),
vordering XX van het petitum in bijlage 1 bij dit vonnis), waarbij [eiser] een verklaring voor recht vordert dat ABN AMRO is tekortgeschoten in de op haar rustende zorgplicht en/of onrechtmatig heeft gehandeld jegens [naam 1] door de in juli en augustus 2012 door [naam 1] gegeven betaalopdrachten niet uit te voeren, met veroordeling van ABN AMRO in de schade die daardoor is veroorzaakt, vermeerderd met wettelijke rente,
vordering XXI van het petitum in bijlage 1 bij dit vonnis), waarbij [eiser] een verklaring voor recht vordert dat ABN AMRO is tekortgeschoten in haar zorgplicht en/of onrechtmatig heeft gehandeld jegens [naam 1] door ten onrechte over te gaan tot blokkering en beëindiging van de bankrekeningen van [naam 1] tussen 2012 en 2014, met veroordeling van ABN AMRO in de schade die daardoor is veroorzaakt, vermeerderd met wettelijke rente,
vorderingen XII en XXII tot en met XXV van het petitum in bijlage 1 bij dit vonnis), waarbij [eiser] vordert dat ABN AMRO wordt veroordeeld in de betaling van (i) de kosten die zijn gemaakt voor schadeberekening door het accountantskantoor Slof & Wildenburg, (ii) de daadwerkelijk gemaakte proceskosten ter verkrijgen van zijn recht, (iii) de kosten die verband houden met het voorlopig getuigenverhoor in 2013, en (iv) de proceskosten vermeerderd met de wettelijke rente.
4.De beoordeling
Veeleer komt uit de verklaring, in zijn totaliteit bezien, het beeld naar voren van een persoon die in dezen haar belangen in grote mate heeft laten behartigen door haar zoon [eiser] en van de exacte gang van zaken, het bestaan van de inhoud van de verscheidene transacties en de op 27 juli 2012 gegeven betalingsopdrachten hoogstens zijdelings op de hoogte was”.
- Tijdens het getuigenverhoor op 31 oktober 2013 heeft [naam 1] onder meer het volgende verklaard: “
- Tijdens hetzelfde getuigenverhoor op 31 oktober 2013 heeft [naam 2] , [functie 2] bij ABN AMRO, onder meer het volgende verklaard: “
- Tijdens het getuigenverhoor van 6 december 2013 heeft [eiser] onder meer het volgende verklaard: “
Zoals afgesproken doe ik u bij deze de lijst toekomen van de (alle) Nederlandse papieren die wij op dit moment verkopen, zodra de in ons bezit zijnde (Nederlandse) knock-out reversebles geactiveerd worden medio maart gaan deze ook direkt in de verkoop na schriftelijke opdracht mijnerzijds. Ik hulp u eraan herinneren dat wij bij de bank een korting van 30% hebben bedongen op de transactiekosten voor de aan- en verkoop van aandelen.” Daarna volgt een lijst van meer dan 25 verschillende aandelen, waarna het faxbericht vervolgt met: “
Ik verzoek u het bedrag dat overblijft na betaling van de schuld aan de bank (€ 130.000) op een rekening te zetten die rente oplevert, let wel er mag geen limiet qua tijd of bedrag zijn, zodat ik dit geld met inachtneming van de margindekking kan overboeken naar een andere bank.”
Bij deze verzoek ik u 2000 (tweeduizend) aandelen abn-amro te verkopen van rek. (…). Ik help u eraan herinneren dat wij bij de bank een korting van 30% hebben bedongen op de transaktiekosten voor de aan- en verkoop van aandelen.”
1000 stuks philips electronic
767 stuks amstelland MDC
1025 stuks kpn
289 stuks AHOLD
2340 stuks ABN AMRO
Bij deze verzoek ik u ter waarde van € 300.000 (driehonderduizend euro’s) amerikaanse dollars te kopen voor een koers van minimaal euro/dollar van 1.15 ofwel ik dien minimaal $ 345.000 (driehonderd en vijfenveertigduizend dollar) te ontvangen). Het geld voor deze transactie bevindt zich op onze internetspaarrekening die gekoppelde is aan onze gewone rekening [nummer 1] . Mijn zoon [eiser] , neemt in de loop van de ochtend hierover met uw kontakt hierover op.”
Per 5-3-03 heb ik aangegeven dat wij ons terugtrekken uit de Nederlandse aandelenmarkt.Op 29-5-03 heeft de bank – ondanks dat wij al bij vele gelegenheden aangegeven hebben dat wij hierop geen prijs stellen – van uitgekeerd dividend, van de nog in ons bezit zijnde ABN-AMRO aandelen, wederom aandelen ABN-AMRO gekocht. Deze transactie is een week later teruggedraaid.
In vervolg op mijn fax van 21-9-03 inzake terugkopen van stockdividend abn-amro, herhaalt de bank wat wij per die datum als herinnering onder uw aandacht hebben gebracht, en per sénietwensen.
Bij deze bevestig ik het door mij verzochte terugdraaien van de transacties inzake stockdividend ABN-AMRO en Aegon. Echter het aandeel ABN-AMRO is ingekocht op 4-9-03 (conversienota 5-9-03) voor een prijs die die dag gold tussen de € 16.89 en € 16.41 (zie bijlage), echter de verkoop op 25-9-03 is voor een prijs van € 16.13 dit betekent dat de transactie nog niet volledig is teruggedraaid aangezien ik hierop verlies leidt, evenmin heb ik het geld teruggestort gekregen van de transactiekosten van conversiedatum van 4-9-03. (…) Ik verzoek u dan ook nog even in de zaak te kijken op genoemde data’s en het verschil in mijn voordeel op rekening (…) terug te storten.”
“Is er inmiddels al iets bekend inzake een bod door HP op de aandelen indigo”.
Op 20-10-03 zijn de 20 puts aex 600 okt03 serie uitgevoerd en hebben wij tevens op 21-10-03 deze zelfde serie naar okt 2004 ‘doorgerold’.
Bij deze bevestigen wij dat wijnooitgevraagd hebben om een andere wijze van fiattering, indien door herleven van deze fiattering een contractwijziging in ons nadeel plaatsvindt dan wel een eenzijdig contractwijziging, dan gaan wij niet akkoord. Wij geven dit alleen onder de voorwaarde dat de overeenkomst en de voorwaarden tussen mijzelf (…) [naam 1] en de ABN AMRO ongewijzgd zijn en blijven. (…) tussen de bank en [naam 1] van voor de rekening van de [onleesbaar] zoals hier is overlegd blijft de ABN-AMRO volledig aansprakelijk voor alle directe schade en indirecte schade.”
Opmerkelijk in deze is dat de op de margin call van 6 augustus 2002 de brief aanvangt met: ‘refererend aan ons telefonisch onderhoud van heden’. Dit telefoongesprek (dan wel enig ander (telefoon)gesprek) heeft echter nimmer plaatsgevonden. Als er al een telefonisch onderhoud was, betrof dat een gesprek tussen [eiser] en de heer [naam 3] , maar nimmer met [naam 1] , die in deze brief opeens als contactpersoon wordt bestempeld.” Uit deze brief, althans de opmerking in de dagvaarding, blijkt nogmaals dat ABN AMRO in overleg handelde met [naam 1] , althans [eiser] .
- 6 augustus 2002: € 162.234,77;
- 4 september 2002: € 53.420;
- 25 februari 2003: € 42.234,05; en
- 7 maart 2003: € 2.073.
- [eiser] heeft op verzoek van zijn moeder beleggingen ter waarde van € 60.000 overgeboekt op de rekening van zijn moeder;
- de heer [eiser] , de andere zoon van [naam 1] , heeft € 150.000 overgemaakt naar de rekening van zijn moeder;
- [naam 1] heeft een lening afgesloten bij haar broer, de heer [broer naam 1] , van € 1.500.000;
- [naam 1] heeft een deel van haar aandelen (“lukraak”) verkocht ter waarde van € 154.000;
- [naam 1] heeft een lening afgesloten ter waarde van € 250.000 bij Ali Investments;
- [naam 1] heeft een van haar twee appartementen in Israël op 22 november 2005 verkocht; dat appartement had op 27 april 2022 een waarde van € 894.959.
.Dat [naam 1] in 2005 niet wist van het bestaan van een zorgplicht van de bank (en de mogelijke schending daarvan), zoals [eiser] heeft aangevoerd, is in het licht van de door de Hoge Raad geformuleerde toetsingsmaatstaf, zoals hiervoor onder 4.26 weergegeven, niet relevant. Het begrip ‘margindekking’ was haar (althans [eiser] ) bekend en ook over het ‘doorrollen’ van opties schreef zij (hij) zelf. Uit de hele correspondentie blijkt dat [naam 1] (althans [eiser] ) zich geen knollen voor citroenen liet verkopen. Het is dan ongeloofwaardig dat ze zonder meer aan alle margin calls zou hebben voldaan waardoor ze zich – zoals [eiser] stelt – diep in de schulden zou hebben moeten steken.
volledig en plantmatig is opgelicht in het betalen van niet bestaande c.q. door haar aangegane schulden, aankoop van aandelen en gedwongen verkoop van aandelen en het betalen van niet-bestaande rentetarieven”. [eiser] stelt ABN AMRO daarvoor in de brief aansprakelijk.
compos mentiszou zijn en haar wil niet kon overzien, zoals ook door [eiser] gesteld, wordt evenmin gevolgd. Over de mentale staat van zijn moeder heeft [eiser] allereerst verschillende en tegenstrijdige standpunten ingenomen. In de dagvaarding licht [eiser] toe dat zijn moeder “nog steeds geheel mentaal in orde is”, terwijl zij op dat moment 95 jaar was. Ook stelt [eiser] dat zij moeder in 2012, ten tijde van de (volgens [eiser] ) ten onrechte niet-uitgevoerde betaalopdrachten probleemloos in staat was (en nog steeds is) om haar wil te bepalen, en dat dit onder meer blijkt uit het feit dat haar rijbewijs is verlengd voor de maximale termijn van vijf jaar. Dit is moeilijk te rijmen met de stelling dat [naam 1] destijds niet fit genoeg was om tijdig te protesteren. Bovendien werd [naam 1] bijgestaan door haar zoon [eiser] , zoals vastgesteld onder 4.16, die in belangrijke mate haar bankzaken voor haar deed.
- de rekening van [naam 1] eindigend op [nummer 1] (de “ [nummer 1] -rekening”);
- de gezamenlijke rekening van de broer van [naam 1] (“ [broer naam 1] ”) en haar schoonzus (“ [schoonzus naam 1] ”) eindigend op [nummer 2] (de “ [nummer 2] -rekening”); en
- de rekening van [broer naam 1] eindigend op [nummer 3] (de “ [nummer 3] -rekening”).
Alle bovengenoemde rekeningen en bijbehorende portefeuilles dienen te worden opgeheven bij ABN AMRO (…)
Er zal geen ‘laatste kans’ worden gegeven, het is vandaag maandag 30 juli 2012 afgehandeld zonder nog enige verdere correspondentie in welke vorm dan ook, of de juridische gevolgen – die niet beperkt zijn tot civiele maatregelen, maar duidelijk ook strafrechtelijk die u persoonlijk zullen treffen, aangezien u eigenmachtig handelt en de bank, (indien zij u daarin steunt zij evenmin deze gevolgen kan ontlopen – zullen niet uitblijven.
”– brief 30 juli 2012, met handtekening van [naam 1] ,
In regard to your above mentioned letter I hereby inform that my sister Mrs. [naam 1] has full power of attorney on my accounts and that of my wife and acts according to my and my wife’s instructions. (…) Please do not contact me.” – brief van 31 juli 2012, met handtekening van [broer naam 1] ,
VOER UIT ZONDER VERDER DEBAT OF OVERLEG”– brief van 31 juli 2012, met handtekening van [naam 1] ,
(…) Do not argue, call, contact or debate me in any way, just follow the extreme clear orders as instructed.” – brief van 5 augustus met handtekening van door [broer naam 1] en [schoonzus naam 1] .
Gelet op de ingrijpende consequenties van de uitvoering van de op 27 juli 2012 verstrekte opdrachten, is begrijpelijk dat ABN Amro zich er van wenst te vergewissen of de betaalopdrachten bevoegdelijk zijn gegeven. [naam 1] heeft aangevoerd dat dit blijkt uit de diverse door haar gegeven schriftelijke opdrachten, welke bovendien door [broer en schoonzus naam 1] zijn bevestigd. ABN Amro wordt echter gevolgd in haar betoog dat zij op dit moment onvoldoende zekerheid heeft dat de overboekingen en betalingsopdrachten daadwerkelijke met volle medeweten en overeenkomstig haar wil zijn verstrekt door [naam 1] , die bijna 85 jaar oud is. In dit verband acht de voorzieningenrechter van belang dat het ABN Amro kennelijk niet is toegestaan om persoonlijk contact te krijgen met [naam 1] teneinde de opdrachten te kunnen verifiëren. De voorzieningenrechter is van oordeel dat ABN Amro op goede gronden heeft geweigerd om uitvoering te geven aan de verstrekkende opdrachten van 27 juli 2012 alvorens zich ervan heeft kunnen vergewissen dat deze opdrachten daadwerkelijk overeenstemmen met de wensen van [naam 1] en [broer en schoonzus naam 1] ”
- Op 2 mei 2013 stuurt [eiser] een brief aan ABN AMRO waarin hij verklaart “volledig gemachtigde” te zijn op de rekeningen van [broer naam 1] en [schoonzus naam 1] , waaronder dus de [nummer 3] -rekening en [nummer 2] -rekening.
- Na telefonisch overleg met ABN AMRO, faxten [broer naam 1] en [schoonzus naam 1] de volgende verklaring op 24 september 2013 naar ABN AMRO: “
- Op 19 oktober 2013 ontving ABN AMRO een brief van [eiser] , waarin onder meer het volgende staat: “
- Op 23 oktober 2013 bevestigden [broer naam 1] en [schoonzus naam 1] aan ABN AMRO de intrekking van de volmachten op de [nummer 3] - en [nummer 2] -rekening door middel van een schriftelijke ondertekende verklaring: “
- Op 24 oktober 2013 liet ABN AMRO aan [eiser] weten dat de bank geen gehoor zou geven aan de sommaties van 19 oktober 2013, gelet op de schriftelijke intrekking van de volmachten door [broer naam 1] en [schoonzus naam 1] van 23 oktober 2013.
Vooropgesteld wordt dat uitvoering van de betalingsverzoeken, zoals vervat in de brief van 27 juli 2012, zou betekenen dat het gehele op de rekeningen van [broer en schoonzus naam 1] aanwezige vermogen buiten hun macht zou worden gebracht en dat [broer naam 1] op de [nummer 3] -rekening een schuld van circa 967.000,- aan de Bank zou overhouden. Gelet op de zeer kort daarvoor verrichte creditering van de [nummer 2] -rekening met een bedrag van € 850.000,- vanaf de [nummer 1] -rekening, onder gelijktijdige debitering van de [nummer 3] -rekening met een bedrag van gelijke omvang, met behulp van een aan [naam 1] afgegeven bankpas, ten gunste van een rekening op naam van [eiser] , mocht – en moest – de Bank naar het oordeel van de voorzieningenrechter gerede twijfel hebben of [naam 1] en [broer en schoonzus naam 1] de nadelige gevolgen die uitvoering van de in de brief van 27 juli 2012 gegeven opdrachten voor [broer en schoonzus naam 1] zouden hebben kenden en daadwerkelijk beoogden.
Hereby we revoke any power of attorney we gave in the past to Mrs. [naam 1] or Mr. [eiser] ”. Dat er “or” staat en niet “and” betekent niet dat slechts een van de twee volmachten wordt ingetrokken. In het licht van de eerdere brief van 24 september 2013, waarin [broer en schoonzus naam 1] verklaren dat zij de enige eigenaren van de rekening zijn en niemand anders toestemming heeft om iets te doen op hun account, is het duidelijk dat in de brief van 23 oktober 2013 ook wordt bedoeld dat de volmachten van zowel [naam 1] als [eiser] , voor zover [eiser] gemachtigd was op hun rekening, moeten worden verwijderd van de rekening. Dat de volmacht “onherroepelijk” zou zijn, zoals door [eiser] gesteld, is een ondeugdelijk argument, ook in het licht van de bewoording van [broer en schoonzus naam 1] bij de intrekking van de volmacht. Ook de affidavits van [broer naam 1] en [schoonzus naam 1] , die [eiser] heeft overgelegd, staat niets waaruit blijkt dat zij het eens waren met de niet-uitgevoerde betaalopdrachten.
Ik wil helemaal geen afspraak met u maken en mijn moeder ook niet. (…) Waar bemoeit u zich mee? (…) Het gaat u niets aan. (…) Ik ben niet van plan, mijn moeder is niet van plan om over haar eigen geld met u te debatteren. Of u deblokkeert de kaart in de zin dat ze gewoon geld kan overmaken of we zijn weg. Het is heel simpel.”
De conclusie uit het voorgaande is dat de Bank de opdrachten van 27 juli 2012 naar het oordeel van de voorzieningenrechter ook als rekening wordt gehouden met de afgelegde getuigenverklaringen op goede gronden heeft geweigerd, zodat de vorderingen ook bij de huidige stand van zaken niet toewijsbaar zijn.”
voor 13 maart van mij respectievelijk mijn zoon, de exacte instructies [zal] ontvangen, deze zullen echter in totale tegenspraak zijn met wat de bank voorstelt”. [naam 1] heeft echter, ook na verschillende verzoeken van ABN AMRO, geen instructies meer gegeven, waarna ABN AMRO over is gegaan tot de verkoop van de aandelen. Om diezelfde reden kan ABN AMRO niet worden verweten dat zij het saldo heeft verrekend, de aandelen heeft verkocht en het restant heeft overgemaakt op de Alex-rekening van [naam 1] .
I am sure you remember me so an introduction is unnecessary. As you recall about 16 months ago I claimed a legal binding contract with the ABN-AMRO bank, called a “bank-guarantee” issued by that bank.” – brief van [eiser] aan ABN AMRO van 18 maart 2009
Mocht u dan wel de bank van mening zijn dat u niet van plan bent de bankgarantie uit te keren, dan zal een langdurige procedure bij het Europees Hof, noodzakelijk en uitgevoerd worden (…). Ik hoop dat dit alles zonder jarenlange procedures kan worden afgehandeld.”
–citaat in de conclusie van antwoord op pagina 7.
Een advocaat leest 3 pagina’s per uur dus 65 uur voor het de hele dagvaarding van die 200 pagina’s is een groot gedeelte niet relevant om te weerleggen ze beschrijven een situatie, dat mijn vader aan de morfine was, dat mijn ouders in Israël woonden, dat mijn moeder heeft nimmer kontakt heeft gehad met de bank (…).” – citaat in conclusie van antwoord op pagina 13.
Ik heb het geld, de tijd en de stamina om dit ongelimiteerd vol te houden (…). Ik pik niks van niemand en niemand pikt niks van mij, en wie dat anders ziet moet bereidt zijn de consequenties ervan te dragen (…). Ik ga er immers vanuit dat alle procedures met de ABN-AMRO, zowel namens mijzelf, mijn onderneming, de partijen voor wie ik gemachtigd ben alsmede claimstichting – die ik heb opgezet en volledig uit eigen middelen financier, ongelimiteerd qua tijd en kosten – ten behoeve van ‘preferred’, ‘private’ & private wealth ‘cliënten van de ABN-AMRO tussen de 20 en 30 jaar in beslag zullen nemen en dat is conservatief ingeschat (ik verwijs nogmaals de tijd gespendeerd aan de door de ABN-AMRO afgegeven bankgarantie), aangezien ik alle procedures sequentieel ga voeren, dat is slecht nieuws voor de ABN-AMRO maar goed nieuws voor de NautaDutilh, immers ik ga ervan uit datikplusminus € 1000,- per dag aan advocaten kwijt zal zijn en op jaarbasis ruim drie ton, de ABN-AMRO kan – weliswaar met andermans geld, t.w. de belastingbetaler – mij matchen euro voor euro, zonder dat het enig effect heeft op eender onze financiële reserves en gezien het tarief bij NautaDutilh mogelijk het dubbel is dan wat ik betaal, ofwel anders gesteld: partijen gaan de komende decennia een miljoen euro per jaar spenderen om elkaar kapot te maken, echter ik heb niets te verliezen en alles te winnen (…). Zoals al eerder gesteld (…) ben ik bereidt onevenredig veel tijd en kosten te spenderen, de ABN-AMRO evenals NautaDutilh kan dan zelf wel uitmaken danwel inschatten hoever ik wel niet bereidt ben te gaan (…). Er is geen weg meer terug, onderhandelingen zullen niet plaatsvinden, dit wordt tot op het bot en tot in het merg uitgevochten “de teerling is geworpen: alea acta est”. – pleitnota van [eiser] in de tuchtprocedure in 2018 en de advocaten van ABN AMRO.
Beschouwt u de overlegde spreeknotities maar als een ‘oorlogsverklaring’, mocht u van mening zijn dat wat daar gesteld en gegarandeerd wordt gebaseerd is op bluf en grootspraak, dan heb ik daar maar één woord op te zeggen en tegenin te brengen: “ [bedrijf] B.V.” – ( [bedrijf] B.V. is een besloten vennootschap waar [eiser] enig bestuurder en aandeelhouder van is) – brief van 23 april 2018 van [eiser] aan ABN AMRO en DNB na afloop van de zitting in de tuchtprocedure tegen de advocaten van ABN AMRO,
The only protection you and your family have now from the mobs in the streets is your relative anonymity, an asset which is very valuable today. Mr. [naam 8] is according to the newspaper in hiding because he fears the retaliation which could go any way: either lawsuit or somebody murders him. So now is the time to make a rational decision. You can pay me (plus interest and some legal fees) out of your own pocket (that’s still 2,5 million minus a little) or face the public and years of hunting (you will bet he hunted one) and lose everything.” – brief van [eiser] in oktober 2008 aan de toenmalige CEO van (de rechtsvoorganger van) ABN AMRO.
Het feit dat ik aangeef in mijn verweer dat ook mijn moeder haar klachten op eigen titel zal indienen, heeft te maken met het feit dat [de raadsheren van de Bank] er kennelijk een sadistisch pervers genoegen erin scheppen door mij gekleineerd te worden en de les te worden gelezen, maar er geen genoegen van kunnen krijgen en expliciet nog om een verbale afranseling van mijn moeder vragen” – tekst opgenomen in het verzet in 2017 tegen de afgewezen tuchtklachten.
(…) welnu ongeacht wat de beslissing van de voorzitter ook zal zijn, de genoemde advocaten zullen bij een afwijzing van mijn verzoek en een toewijzing van hun verzoek, zich toch moeten verweren bij de Raad van Discipline eenvoudigweg omdat na de betekening van de inmiddels bijna 280 pagina’s grote dagvaarding met ruim 150 bijlagen, het repliek hierop, zal bestaan uit alles wat reeds eerder is ingebracht door genoemde advocaten (…) waarvan de klachten reeds zijn ingediend, echter zodra van repliek is gediend, zijn alle klachten ‘nieuw’ en dien ik wederom alles in wat u reeds in uw bezit heeft over deze kwesties.” – brief van 6 september 2017 aan de Raad van Discipline.
Mocht u dan wel de bank van mening zijn dat u niet van plan bent de bankgarantie uit te keren, dan zal een langdurige procedure bij het Europese Hof, noodzakelijk en uitgevoerd worden” – citaat in de conclusie van antwoord op pagina 7.
Bijgevoegd een procedure tegen ICS cards (100% dochter van ABN-AMRO), de implicaties kunnen mogelijk desastreus zijn, ik ben er in ieder geval bereidt tijd en geld in te steken, zonder dat ik er een cent aan verdien, kunt u nagaan hoeveel tijd in geld ik wel niet bereidt ben te steken in de zaken waar ik wel aan ga verdienen, danwel mijn eigen geld terugkrijg met het behaalde rendement” – e-mail van 1 oktober 2020 van [eiser] aan de advocaten van ABN AMRO.
Voor alle duidelijkheid de betaling van € 350.000,- (specificaties zullen beschikbaar worden gesteld) garanderen niets, zelfs niet een gesprek u koopt slechts goodwill, u moet het zien als het startgeld van een sportman voor een toernooi, maar zonder deze betaling heeft u wel een andere garantie, namelijk dat er onbeperkt wordt geprocedeerd tot het einde der tijden.” – brief van 11 oktober 2018 van [eiser] aan ABN AMRO en haar advocaten.
I cannot take revenge at the NAZIS, but I can take back what was stolen from me by the ABN-AMRO, whatever it takes and whatever collateral damages the bank will suffer, I will act rückschtslos, I have the means, time, stamina and intelligence to do so. Never Again has a different meaning to me than to the rest of the Jewish population, let that be clear to you and the ABN-AMRO N.V.” – in een e-mail van [eiser] aan de CEO van ABN-AMRO van 21 mei 2025.
I am sure it is great public relations for the bank, robbing a 83 year widowed old holocaust victim from all her assets, drag her into complete bullshit legal procedings for 13 years, costing millions (which I can pay) just to find out that there are hundreds if not thousands more who trough their children can state their (same) claim (which I will finance).” – e-mail van 14 juli 2025 van [eiser] aan de CEO van ABN AMRO.
Kortom ‘Alae Acta Est’, ik zal een class action suit tegen ABN-AMRO instellen” – een e-mail van 4 november 2025 [eiser] aan de CEO van ABN AMRO.