ECLI:NL:RBARN:2006:AX8865
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.J.H. van Suilen
- J.H.M. Delnooz-Engels
- E.C.G. Okhuizen
- Rechtspraak.nl
Premieplicht directeur-grootaandeelhouder woonachtig in Duitsland voor Nederlandse volksverzekeringen en WAZ
De eiser, woonachtig in Duitsland en directeur-grootaandeelhouder van een Nederlandse BV, was in geschil met de Belastingdienst over zijn premieplicht voor de volksverzekeringen en de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ) in Nederland over het jaar 2002.
De rechtbank stelde vast dat de werkzaamheden van de eiser in Nederland volgens de Nederlandse wetgeving voor de volksverzekeringen als in loondienst verricht worden aangemerkt, terwijl deze voor de WAZ als niet in loondienst worden beschouwd. Op grond van een wijziging in bijlage VI bij Verordening (EEG) 1408/71 wordt een directeur-grootaandeelhouder met een aanmerkelijk belang die werkzaamheden verricht voor zijn vennootschap aangemerkt als iemand die in loondienst werkt.
De rechtbank verwierp het betoog van eiser dat deze wijziging in strijd zou zijn met het EG-Verdrag, omdat deze wijziging met instemming van de lidstaten tot stand was gekomen. Verder volgde de rechtbank uit jurisprudentie van het Hof van Justitie dat de nationale kwalificatie van de werkzaamheden bepalend is voor de toepassing van de Verordening.
De rechtbank concludeerde dat de premieplicht voor de volksverzekeringen en WAZ in Nederland terecht is opgelegd en verklaarde het beroep van eiser ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de premieplicht voor volksverzekeringen en WAZ in Nederland blijft van kracht.