ECLI:NL:RBARN:2007:BC7704
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.B.M. Klein Tank
- M.C.G.J. van Well
- V.M. van Daalen-Mannaerts
- Rechtspraak.nl
Belastingplicht en tariefafweging afvalstoffenbelasting na sluiting stortplaats voor afdichting
Eiser, een samenwerkingsverband van gemeenten, exploiteerde een stortplaats die in 1999 werd gesloten en waar in 2003 asbesthoudende grond, puin en baggerspecie werden aangevoerd voor de steunlaag van de bovenafdichting. Verweerder legde een naheffingsaanslag afvalstoffenbelasting op, welke eiser betwistte met argumenten over belastingplicht, het begrip verwijdering en tariefberekening.
De rechtbank stelt vast dat de stortplaats zolang de eindafdichting niet is afgerond, nog als belastingplichtige inrichting geldt. Jurisprudentie bevestigt dat het aanvoeren van bouwstoffen voor afwerking als verwijderen van afvalstoffen wordt aangemerkt. De steunlaag valt niet onder de uitzonderingsbepaling van de bovenafdichtingsconstructie, waardoor de afvalstoffenbelasting verschuldigd is.
Verder oordeelt de rechtbank dat het nuttig toepassen van afvalstoffen binnen een inrichting het belastbare feit niet uitsluit. De wijze van volumieke massa-bepaling volgens het Uitvoeringsbesluit is verbindend, en eiser mocht afgaan op de op de containers vermelde inhoud, ook al was deze gebaseerd op waterinhoud. Het lage tarief is van toepassing op afvalstoffen met een volumieke massa boven 1100 kg/m³, behalve voor een kleine hoeveelheid waarvoor het hoge tarief geldt.
De naheffingsaanslag wordt verminderd tot € 746.805 en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van eiser. De uitspraak bevestigt de reikwijdte van de afvalstoffenbelasting na sluiting van stortplaatsen en de toepassing van het lagere tarief bij correcte volumebepaling.
Uitkomst: De naheffingsaanslag afvalstoffenbelasting wordt verminderd tot € 746.805 en de stortplaats blijft belastingplichtig zolang de eindafdichting niet is afgerond.