ECLI:NL:RBARN:2008:BD5819
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vervolging asielzoeker voor bezit vervalst paspoort wegens bescherming Vluchtelingenverdrag
Een Somalische asielzoeker werd vervolgd wegens het bezit van een vervalst Deens paspoort bij binnenkomst in Nederland. De officier van justitie eiste een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden. Verdachte gaf direct toe het vervalste document te gebruiken en werkte mee aan identificatie.
De rechtbank onderzocht of artikel 31 van Pro het Vluchtelingenverdrag, dat strafvervolging verbiedt voor onrechtmatige binnenkomst van vluchtelingen, ook geldt voor het bezit van vervalste reisdocumenten. De rechtbank overwoog dat vluchtelingen uit Somalië, een land zonder effectief gezag, vaak gedwongen zijn vervalste documenten te gebruiken om te vluchten.
Gezien de omstandigheden en het beleid in de Vreemdelingencirculaire achtte de rechtbank vervolging in dit geval een ontoelaatbare doorkruising van de bescherming die het Vluchtelingenverdrag beoogt. Daarom werd het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard. Verdere verweren werden niet behandeld.
Uitkomst: Het Openbaar Ministerie werd niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van verdachte wegens bezit van een vervalst paspoort.