ECLI:NL:RBARN:2008:BG9345
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbreken aftrek beroepskosten voor werknemers niet in strijd met gelijkheidsbeginsel
Eiser, werkzaam als thuiszorgmedewerker en voormalig artiest, maakte bezwaar tegen de weigering van aftrek van beroepskosten in zijn belastingaangifte over 2005. Hij stelde dat deze weigering het gelijkheidsbeginsel schendt, omdat ondernemers en resultaatgenieters hun kosten wel kunnen aftrekken en werknemers die geen onbelaste vergoeding ontvangen worden benadeeld.
De rechtbank overwoog dat volgens de Hoge Raad en wetsgeschiedenis de wetgever een ruime beoordelingsvrijheid heeft bij het differentiëren tussen werknemers en ondernemers. De ongelijke behandeling is objectief en redelijk gerechtvaardigd vanwege verschillen in fiscale positie en uitvoeringsproblemen. Ook het argument dat hoge kosten een uitzondering rechtvaardigen werd verworpen.
Verder oordeelde de rechtbank dat de carpoolregeling niet van toepassing was, het beginsel van hoor en wederhoor niet was geschonden en dat de heffingsrente terecht was berekend. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de weigering van aftrek van beroepskosten blijft gehandhaafd.