ECLI:NL:RBARN:2009:BK8445
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- L. van Gijn
- G.H.W. Bodt
- I.A.M. van Boetzelaer-Gulyas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete wegens illegale tewerkstelling vreemdelingen zonder vergunning
De rechtbank Arnhem behandelde het beroep van een maatschap tegen een bestuurlijke boete opgelegd door de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De boete van in totaal €218.500 werd opgelegd omdat de maatschap vreemdelingen zonder geldige tewerkstellingsvergunning arbeid liet verrichten en naliet hun identiteit vast te stellen.
Tijdens een inspectie op 18 juni 2006 werden 23 vreemdelingen aangetroffen die arbeid verrichtten voor een Belgisch bedrijf, via een Nederlandse uitzendorganisatie. De vreemdelingen hadden geen geldige verblijfstitel of vergunning om in Nederland te werken. De maatschap voerde aan dat sommige vreemdelingen als zelfstandigen werkten en dat de vreemdelingen via grensoverschrijdende dienstverrichting waren ingezet, maar dit werd door de rechtbank verworpen.
De rechtbank oordeelde dat de maatschap als feitelijk werkgever verantwoordelijk was en dat het ontbreken van een arbeidsovereenkomst of gezagsverhouding niet relevant was. De boete was terecht opgelegd binnen de wettelijke termijn en matiging werd niet toegewezen omdat geen bijzondere omstandigheden waren aangetoond. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de boete van €218.500 wegens illegale tewerkstelling van vreemdelingen zonder geldige vergunning en identiteit vaststelling.