ECLI:NL:RVS:2007:BA9298
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- A.W.M. Bijloos
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete voor arbeid zonder tewerkstellingsvergunning bevestigd
De staatssecretaris legde appellant sub 2 een bestuurlijke boete van €4.000 op wegens het zonder tewerkstellingsvergunning laten verrichten van arbeid door een vreemdeling. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant sub 2 gegrond en vernietigde het besluit, waarna beide partijen hoger beroep instelden bij de Raad van State.
De Raad overwoog dat appellant sub 2 als werkgever in de zin van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) moet worden aangemerkt, omdat de vreemdeling feitelijk arbeid verrichtte in zijn winkel, ongeacht de duur, omvang, of instemming met de arbeid. Het enkele mogelijk maken van arbeid verrichten is voldoende om als werkgever te gelden.
Het betoog van appellant sub 2 dat het eisen van een tewerkstellingsvergunning in de gegeven situatie onredelijk zou zijn, werd verworpen. Ook stelde de Raad dat appellant sub 2 onvoldoende zorg heeft betracht om overtreding van de Wav te voorkomen. De Raad verklaarde het hoger beroep van appellant sub 2 ongegrond, dat van de staatssecretaris gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van appellant sub 2 ongegrond.
Uitkomst: De bestuurlijke boete van €4.000 wegens het zonder tewerkstellingsvergunning laten verrichten van arbeid wordt bevestigd.