ECLI:NL:RBBRE:2008:BC6215
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling geruisloze inbreng en pensioenvoorziening in vennootschapsbelasting
Een natuurlijke persoon bracht per 1 december 2000 zijn onderneming fiscaal geruisloos in een vennootschap in, inclusief een 50%-deelneming in een B.V. De inspecteur gaf een beschikking geruisloze overgang af met standaardvoorwaarden, waartegen geen bezwaar werd gemaakt, waardoor deze onherroepelijk werden.
In 2002 verkocht de belanghebbende haar deelneming aan de andere aandeelhouder, waarbij een resultaat werd behaald dat volgens standaardvoorwaarde 8a tot het belastbare resultaat behoort. De rechtbank oordeelde dat deze voorwaarde niet onverbindend is en dat de aanslag terecht is opgelegd. Daarnaast wees de rechtbank het bezwaar tegen het niet accepteren van een pensioenvoorziening af, omdat geen aannemelijk bewijs was dat er een stellig voornemen bestond tot het toekennen van pensioen aan de directeur-grootaandeelhouder.
De rechtbank concludeerde dat er geen strijd is met het gelijkheidsbeginsel en dat de aanslag vennootschapsbelasting terecht is opgelegd. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag vennootschapsbelasting 2002 wordt ongegrond verklaard en de aanslag wordt bevestigd.