ECLI:NL:RBBRE:2010:BM1602
Rechtbank Breda
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Boeteoplegging wegens arbeid zonder tewerkstellingsvergunning aan Amerikaanse basketbalspelers
Verzoekster, een basketbalorganisatie, liet zes Amerikaanse professionele basketbalspelers arbeid verrichten zonder dat de vereiste tewerkstellingsvergunningen tijdig waren verleend. Hoewel er afspraken bestaan tussen de Federatie Eredivisie Basketbal (FEB) en het UWV Werkbedrijf over de aanvraagprocedure, ontslaat dit verzoekster niet van haar wettelijke verplichtingen onder de Wet arbeid vreemdelingen (Wav).
De Arbeidsinspectie constateerde de overtreding tijdens een onderzoek en legde een boete van €48.000,- op. Verzoekster voerde aan te goeder trouw te zijn en stelde dat de afspraken met FEB en UWV een bestendige gedragslijn vormen, maar de rechtbank oordeelde dat dit geen vrijstelling biedt van de wettelijke eisen.
De voorzieningenrechter stelde vast dat verzoekster onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij de maximale zorg heeft betracht om overtreding te voorkomen. De omstandigheden van de zaak, waaronder het tijdig aanvragen van vergunningen terwijl spelers nog in het buitenland waren, en de beschikbare digitale communicatiemiddelen, maken het niet aannemelijk dat het niet naleven van de Wav onvermijdelijk was.
De rechtbank concludeerde dat de boete terecht is opgelegd en dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die matiging rechtvaardigen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.