ECLI:NL:RBBRE:2010:BN7832
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.F.M.Q. Beukers-van Dooren
- A.A. den Hartog
- W. Brouwer
- Rechtspraak.nl
Navordering en boetematiging wegens buitenlandse bankrekening niet opgegeven
Belanghebbende werd geconfronteerd met een navorderingsaanslag en een vergrijpboete wegens het niet opgeven van een buitenlandse bankrekening bij Van Lanschot Bankiers Luxembourg over het jaar 2002. De inspecteur baseerde zich op gegevens die via de Belgische autoriteiten waren verkregen, afkomstig uit een huiszoeking bij een verdachte van andere misdrijven. Deze gegevens werden als rechtmatig verkregen beoordeeld.
De rechtbank acht het aannemelijk dat belanghebbende rekeninghouder was van de buitenlandse bankrekening en dat er aanzienlijke inkomsten uit vermogen niet waren aangegeven. Hierdoor was sprake van een nieuw feit dat navordering mogelijk maakte, waarbij de bewijslast terecht werd omgekeerd en verzwaard. De inspecteur had de verlengde navorderingstermijn van twaalf jaar terecht toegepast, conform het arrest van het HvJ EG en de Hoge Raad.
Belanghebbende had niet aannemelijk gemaakt dat de aanslag onjuist was en de rechtbank vond de schatting van de inspecteur redelijk. De boete werd gematigd van €3.124 naar €1.500 vanwege de omkering van de bewijslast en de overschrijding van de redelijke termijn (undue delay). Daarnaast werd de inspecteur veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Navorderingsaanslag wordt gehandhaafd, boete gematigd tot €1.500 en proceskosten aan inspecteur opgelegd.