ECLI:NL:RBBRE:2011:BP7729
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding kosten wegens te late teruggaafbeschikking inkomensafhankelijke bijdrage Zvw
Belanghebbende diende een verzoek in tot teruggaaf van te veel ingehouden inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) over 2006. De inspecteur gaf de teruggaafbeschikking pas op 11 december 2009, ruim na de vaststelling van de inkomstenbelastingaanslag van 13 maart 2008. De rechtbank oordeelt dat deze teruggaafbeschikking geen beschikking op aanvraag is en dat er geen wettelijke beslistermijn geldt.
Desondanks kan het uitblijven van de teruggaafbeschikking worden aangemerkt als een besluit in de zin van artikel 6:2 Awb Pro, waartegen rechtsmiddelen kunnen worden aangewend. De rechtbank stelt vast dat een redelijke termijn is verstreken omdat de teruggaafbeschikking niet gelijktijdig met de inkomstenbelastingaanslag is gegeven.
Belanghebbende stelde dat het indienen van het formulier een bezwaarschrift tegen de fictieve weigering was, maar de rechtbank oordeelt dat vanaf 1 oktober 2009 geen bezwaar meer openstaat tegen niet tijdig beslissen en dat het formulier als ingebrekestelling geldt. Het beroep is ontvankelijk en gegrond. De inspecteur wordt veroordeeld tot vergoeding van de schade van €61,88 en proceskosten van €874, alsmede het griffierecht van €41.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de inspecteur tot vergoeding van schade en proceskosten wegens het te laat geven van de teruggaafbeschikking.