ECLI:NL:RBBRE:2011:BR4472
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Heffing recht van overgang niet in strijd met vrijheid van kapitaalverkeer
Belanghebbende, woonachtig in België en erfgenaam van een in Duitsland overleden erflaatster met onroerende zaken in Nederland, betwistte de aanslag recht van overgang opgelegd door de Nederlandse inspecteur. Zij stelde dat de heffing in strijd was met de vrijheid van kapitaalverkeer zoals neergelegd in artikel 56 EG Pro-verdrag.
De rechtbank stelde vast dat de verkrijging kwalificeert als kapitaalverkeer en dat de belastingdruk gelijk is aan die in een zuiver binnenlandse situatie, waardoor er geen sprake is van discriminatie. Het Hof van Justitie van de EU heeft bevestigd dat lidstaten een zekere autonomie hebben bij de heffing van belastingen en niet verplicht zijn hun systemen aan te passen om dubbele belasting te voorkomen.
De rechtbank verwierp de stelling dat Nederland meer belasting heft dan België of Duitsland, aangezien Nederland bevoegd is haar eigen belastingstelsel te handhaven mits geen discriminatie plaatsvindt. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag recht van overgang blijft gehandhaafd.