ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ9565
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing paspoortaanvraag wegens niet-erkend polygaam huwelijk en niet-toekenning Nederlanderschap
Eiser heeft namens zijn minderjarige zoon een aanvraag voor een Nederlands paspoort ingediend, welke door de minister van Buitenlandse Zaken niet in behandeling is genomen. De reden hiervoor is dat de minderjarige is geboren uit een huwelijk dat volgens Nederlands recht onwettig is, omdat het een polygaam huwelijk betreft. De vader was ten tijde van de geboorte van de minderjarige gehuwd met twee vrouwen, waarbij de islamitische echtscheiding met de eerste vrouw niet wordt erkend in het Verenigd Koninkrijk omdat deze niet door een civiele rechtbank is uitgesproken.
De rechtbank overweegt dat de ontbinding van het huwelijk tussen eiser en zijn eerste vrouw volgens het islamitisch recht en de Certification of Talaaq heeft plaatsgevonden, maar dat deze echtscheiding niet voldoet aan de vereisten voor erkenning in Nederland. De civiele ontbinding vond pas in 2004 plaats, nadat de minderjarige was geboren. Hierdoor was het huwelijk met de tweede vrouw polygaam en niet rechtsgeldig volgens Nederlandse maatstaven.
De rechtbank bevestigt dat het onthouden van erkenning van een polygaam huwelijk alleen mogelijk is indien de Nederlandse rechtsorde er voldoende bij betrokken is, wat hier het geval is gezien het Nederlanderschap van eiser en zijn eerste vrouw en hun verblijf in Nederland en het VK. Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat de minderjarige geen aanspraak kan maken op het Nederlanderschap via het niet-erkende huwelijk en dus geen recht heeft op een Nederlands paspoort.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt dat de minderjarige geen Nederlanderschap kan ontlenen aan het niet-erkende polygaam huwelijk, waardoor geen paspoort wordt toegekend.