ECLI:NL:RBDHA:2015:487
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- N. Djebali
- M.A. Dirks
- T. van Rij
- Rechtspraak.nl
Beoordeling pseudo-eindheffing hoog loon niet in strijd met wet en mensenrechten
Eiseres, een betaald voetbalclub, heeft bezwaar gemaakt tegen de pseudo-eindheffing hoog loon die zij over 2012 heeft betaald. Zij stelde dat deze heffing niet in overeenstemming is met de Wet op de loonbelasting 1964 en in strijd is met mensenrechten zoals het Eerste Protocol bij het EVRM en artikel 14 EVRM Pro en artikel 26 IVBPR Pro.
De rechtbank overweegt dat de wettelijke grondslag voor de heffing in artikel 32bd van de Wet op de loonbelasting 1964 voldoende duidelijk en voorzienbaar is. De heffing is een onderdeel van het begrotingsakkoord 2013 en is ingevoerd om het begrotingstekort terug te dringen. De wetgever heeft een ruime beoordelingsvrijheid bij het kiezen van fiscale maatregelen en heeft bewust gekozen voor een werkgeversheffing boven een extra schijf in de inkomstenbelasting vanwege het vestigingsklimaat.
De rechtbank acht de heffing niet willekeurig en vindt dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij door de heffing een individuele en buitensporige last wordt getroffen. Ook de aangevoerde schendingen van artikel 1 EP Pro, artikel 14 EVRM Pro en artikel 26 IVBPR Pro worden verworpen omdat de heffing een redelijke verhouding houdt tussen het algemeen belang en de bescherming van individuele rechten.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de pseudo-eindheffing hoog loon wordt ongegrond verklaard.