ECLI:NL:RBDHA:2016:5919
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.W. Ente
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende individuele indicaties en afwezigheid uitzonderlijke veiligheidssituatie in Afghanistan
Eiser, een Afghaanse nationaliteit bezittende man, vroeg asiel aan vanwege discriminatie en bedreiging in Iran en de problematiek van zijn familie als Sadat-minderheid in Afghanistan. Hij vreesde terugkeer naar Afghanistan vanwege mogelijke rekrutering door de Taliban en het ontbreken van een vangnet.
De staatssecretaris wees de aanvraag af op grond van artikel 31, eerste lid, Vreemdelingenwet 2000, omdat het relaas van eiser geen aanleiding gaf tot verblijfsvergunning. De rechtbank oordeelde dat de situatie in Afghanistan, met name in de provincie Wardak, niet uitzonderlijk ernstig is en dat eiser geen persoonlijke indicaties had van vervolging of ernstige schade.
Eisers beroep werd ongegrond verklaard. Het medisch rapport dat laat werd ingediend, kon niet worden meegewogen. De rechtbank achtte de zorgplicht van ouders en de aanwezigheid van familie in Afghanistan voldoende aannemelijk om opvang te waarborgen. De uitspraak werd gedaan door rechter A.W. Ente op 26 mei 2016.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag afgewezen.