ECLI:NL:RBDHA:2017:10952
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opvolgende asielaanvraag wegens ontbreken nieuwe elementen en geen uitzonderlijke geweldssituatie in Libië
Eiser, van Libische nationaliteit, diende een opvolgende asielaanvraag in nadat zijn eerdere aanvraag was afgewezen en ingetrokken in afwachting van ontwikkelingen in Libië. Verweerder verklaarde de opvolgende aanvraag niet-ontvankelijk omdat geen nieuwe elementen of bevindingen waren aangevoerd. De authenticiteit van overgelegde chat- en Facebookberichten kon niet worden vastgesteld, en de inhoudelijke beoordeling wees uit dat deze niet als nieuwe feiten konden worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat de veiligheidssituatie in het gebied Swawa in Libië zorgelijk is, maar niet uitzonderlijk zoals bedoeld in artikel 15c van de EU-Definitierichtlijn. Eiser maakte onvoldoende aannemelijk dat hij persoonlijk een reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer. Ook medische omstandigheden van eiser werden beoordeeld, waarbij geen sprake was van een ernstige ziekte die uitzetting zou verhinderen.
Verder werd het beroep op artikel 8 EVRM Pro verworpen omdat bij opvolgende aanvragen geen toetsing aan dit artikel plaatsvindt. De rechtbank volgde verweerder in zijn standpunt dat de beoordeling van de situatie in Libië voorbehouden is aan de lidstaten en dat de situatie niet als uitzonderlijk kan worden aangemerkt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de opvolgende asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.