Uitspraak
11.De rechtbank overweegt verder als volgt.
15.In artikel 66a, tweede lid, van de Vw 2000 is het volgende bepaald:
- moord;
- doodslag;
- verkrachting;
- oorlogsmisdrijven, zoals gedefinieerd in artikel 8, Statuut van Rome, inzake het internationaal Strafhof;
- misdrijven tegen de menselijkheid, zoals gedefinieerd in artikel 7, Statuut van Rome inzake het internationaal Strafhof;
- foltering;
- genocide, zoals gedefinieerd in artikel 6, Statuut van Rome, inzake het internationaal Strafhof;
- slavernij en slavenhandel; en
- misdrijven die vallen binnen de delictsomschrijving van enig bindend internationaal instrument dat bepaalt dat er in geval van een misdrijf dat binnen het bereik van dat instrument valt geen sprake kan zijn van een politiek misdrijf en/of van vluchtelingschap.
- verklaart het beroep, voor zover gericht tegen de weigering om eiser een asielvergunning te verlenen, niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep voor het overige ongegrond;
- veroordeelt verweerder in de door eiser gemaakte proceskosten tot een bedrag van € 496,=.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 9 januari 2017.