Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 mei 2017 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
“ [naam] wordt achttien jaar op 15-01-2016. Momenteel heeft hij nog geen verblijfsvergunning, daar hij nog moet starten met de asielprocedure. Dit verloopt momenteel vertraagd, vanwege grote drukte omtrent de instroom van asielzoekers in ons land. Omdat de mogelijkheid tot het aanvragen van mvv op zijn achttiende vervaltwordt de aanvraag bij dezen in voren gedaan.”
“De termijn van drie maanden vangt aan op het moment van het verlenen van de asielvergunning aan de referent en dus niet op het moment dat de aanvraag om een mvv wordt ingediend. Derhalve wordt gekeken naar de leeftijd die de referent had op de datum waarop (…) de verblijfsvergunning asiel verleend is.”Op de zitting heeft de gemachtigde van de staatssecretaris dit als volgt toegelicht. Omdat de mvv-aanvraag die referent deed, in wezen prematuur was (want ingediend voordat hem een asielvergunning was uitgereikt), is als peildatum genomen de datum van de bekendmaking (uitreiking) van de asielvergunning. Op die datum was referent meerderjarig. De staatssecretaris overweegt verder in het bestreden besluit dat nu referent meerderjarig is, hij niet meer kan worden gezien als alleenstaande minderjarige in de zin van de Gezinsherenigingsrichtlijn [4] en in de zin van artikel 29, tweede lid en onder c van de Vw 2000, zodat zijn ouders niet in aanmerking komen voor verlening van een mvv nareis.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt de staatssecretaris op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van wat in deze uitspraak is overwogen;