Uitspraak
Rechtbank DEN Haag
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 juni 2017 in de zaak tussen
[eiser] , eiser, V-nummer [vreemdelingennummer]
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder
Procesverloop
.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Iraakse Arabier uit de provincie Diyala, verzocht om een verblijfsvergunning asiel vanwege de onveilige situatie in zijn woonplaats Baquba en de vrees voor zijn leven door sektarisch geweld.
De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat eiser geen persoonlijke vervolging kon aantonen en de situatie in Diyala niet langer als uitzonderlijk werd beschouwd. De rechtbank bevestigt dat de problemen van eiser voortkomen uit de algemene veiligheidssituatie en niet uit gerichte vervolging.
Daarnaast is vastgesteld dat er een vestigingsalternatief bestaat in Bagdad, waar geen sprake is van systematische onmenselijke behandeling van soennieten. De rechtbank acht het sponsorvereiste geen belemmering voor dit alternatief.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser kan binnen vier weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel wordt afgewezen.