ECLI:NL:RBDHA:2018:11528
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser, van Guinese nationaliteit, diende op 24 maart 2018 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel in Nederland. De staatssecretaris weigerde deze aanvraag in behandeling te nemen op grond van artikel 30 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, omdat Italië volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
Eiser voerde aan dat Italië niet tijdig heeft gereageerd op het terugnameverzoek en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt vanwege tekortkomingen in de Italiaanse opvang en asielprocedure, mede vanwege zijn psychische problemen (PTSS). Hij verwees naar diverse rapporten die tekortkomingen in Italië signaleren.
De rechtbank oordeelde dat het niet reageren van Italië binnen de termijn gelijkstaat aan aanvaarding van het terugnameverzoek. Het interstatelijk vertrouwensbeginsel blijft van toepassing omdat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Italië zijn verdragsverplichtingen niet nakomt of dat terugkeer een schending van artikel 3 EVRM Pro oplevert.
De rapporten bevestigen wel tekortkomingen, maar deze zijn niet ernstig genoeg om overdracht te weigeren. Ook de medische situatie van eiser rechtvaardigt geen uitzondering. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.