ECLI:NL:RVS:2016:2533
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling verantwoordelijkheid en opvanggaranties bij Dublinverordening in asielzaken
Bij besluiten van 7 juli 2015 wees de staatssecretaris aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde deze beroepen gegrond en vernietigde de besluiten, stellende dat de staatssecretaris onvoldoende had aangetoond dat Italië aan opvanggaranties voldeed zoals vereist in het arrest Tarakhel van het EHRM.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte de meerderjarigheid van vreemdeling 3 buiten beschouwing liet en dat het arrest Tarakhel alleen opvanggaranties vereist voor gezinnen met minderjarige kinderen. De staatssecretaris mocht daarom uitgaan van de meerderjarigheid van vreemdeling 3 en hoefde geen aanvullende garanties te vragen.
Verder concludeerde de Raad dat de staatssecretaris terecht uitging van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en de garanties van de Italiaanse autoriteiten, ondersteund door rapporten en eerdere jurisprudentie, dat de opvang van gezinnen met minderjarige kinderen adequaat is geregeld. De klachten over toepassing van artikel 16 en Pro 17 van de Dublinverordening faalden omdat geen afhankelijkheidsrelatie of bijzondere omstandigheden waren aangetoond.
De Raad verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde de beroepen van de vreemdelingen ongegrond.
Uitkomst: De beroepen van de vreemdelingen worden ongegrond verklaard en de besluiten van de staatssecretaris worden bevestigd.