ECLI:NL:RVS:2016:3291
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake niet-behandeling asielaanvraag en toetsing overdracht aan Italië
De vreemdeling diende op 2 januari 2016 een asielaanvraag in Nederland in voor zichzelf en haar minderjarige kind. De staatssecretaris besloot de aanvraag niet in behandeling te nemen en hield Italië verantwoordelijk voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit van de staatssecretaris, stellende dat onvoldoende garanties bestonden over de opvang van bijzonder kwetsbare asielzoekers in Italië.
De staatssecretaris ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de rechtbank ten onrechte aannam dat het aantal opvangplaatsen in Italië onvoldoende was, mede gelet op recente correspondentie en een beslissing van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Het EHRM oordeelde dat geen individuele garanties vereist zijn zolang opvang binnen SPRAR-locaties beschikbaar is.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen het niet-behandelingsbesluit ongegrond, omdat het ontbreken van een garantie op opvang na verlening van een verblijfsvergunning niet binnen het kader van de Dublinverordening valt. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen het niet-behandelingsbesluit wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.