ECLI:NL:RBDHA:2019:11290
Rechtbank Den Haag
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over onvoldoende motivering bij afwijzing opvolgende asielaanvraag ondanks iMMO-rapport
Eiseres, afkomstig uit de Democratische Republiek Congo, diende een opvolgende asielaanvraag in nadat haar eerdere aanvraag was afgewezen. Bij de eerdere procedure werd haar asielrelaas deels ongeloofwaardig geacht, mede vanwege vermeende inconsistenties en het ontbreken van een vrouwelijke tolk tijdens de verhoren. In de opvolgende aanvraag werd een iMMO-rapport overgelegd dat medische en psychische beperkingen vaststelde die het vermogen van eiseres om consistent te verklaren konden beïnvloeden.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris het iMMO-rapport onvoldoende had getoetst aan de criteria van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, met name het onderdelenvereiste. Ook ontbrak een deugdelijke motivering waarom het asielrelaas ondanks het rapport ongeloofwaardig zou blijven. Het rapport voldeed aan de gestelde eisen en verweerder had geen medisch deskundige geraadpleegd om het te weerleggen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met de motiveringsplicht en gaf de staatssecretaris de mogelijkheid binnen vier weken het gebrek te herstellen met een aanvullende motivering of een nieuw besluit. Het geding blijft beperkt tot de besproken beroepsgronden en verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de opvolgende asielaanvraag wordt vernietigd vanwege onvoldoende motivering en toetsing van het iMMO-rapport; de staatssecretaris krijgt gelegenheid het gebrek te herstellen.