Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
deze uitspraak;
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Eritrese asielzoeker, diende op 10 oktober 2018 een asielaanvraag in. De staatssecretaris weigerde deze in behandeling te nemen omdat Italië verantwoordelijk zou zijn voor de aanvraag op grond van de Dublinverordening, mede gebaseerd op een leeftijdsbepaling die eiser meerderjarig verklaarde. Eiser betwistte dit en stelde dat hij minderjarig is en vanwege zijn ernstige psychische problemen niet overgedragen mag worden aan Italië.
Eiser werd opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis en ontving medische verklaringen ter onderbouwing van zijn kwetsbare gezondheidstoestand. De staatssecretaris baseerde zijn besluit op een onvolledig advies van het Bureau Medische Advisering (BMA) en verzuimde aanvullend medisch advies in te winnen. De rechtbank oordeelde dat dit een schending van het zorgvuldigheidsvereiste inhoudt.
Verder werd geoordeeld dat de leeftijdsbepaling door Duitsland, waar eiser eerder asiel aanvroeg, leidend is en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt. De rechtbank vond geen reden om aan te nemen dat de opvang in Italië zodanig tekortschiet dat overdracht onrechtmatig zou zijn.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg de staatssecretaris op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werden de proceskosten aan eiser toegekend.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens schending van het zorgvuldigheidsvereiste en de staatssecretaris wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.