ECLI:NL:RBDHA:2020:11178
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering WW-uitkering wegens doorwerking verwijtbare werkloosheid door concurrentiebeding
Eiser werkte sinds 2012 bij Infotheek Groep N.V. met een concurrentiebeding dat hem verbood binnen één jaar na beëindiging van het dienstverband bij concurrerende bedrijven te werken. In 2017 nam hij ontslag bij Infotheek om bij SLTN te gaan werken, een concurrent volgens Infotheek, die daarop het dienstverband bij SLTN beëindigde. Eiser vroeg daarop een WW-uitkering aan.
Het UWV weigerde de uitkering omdat eiser verwijtbaar werkloos was geworden door het overtreden van het concurrentiebeding. De rechtbank oordeelt dat het concurrentiebeding geldig was en van toepassing op de overstap. Eiser had geen reëel vooruitzicht op een dienstverband van ten minste 26 weken bij SLTN, mede doordat hij op de hoogte was van het concurrentiebeding en de waarschuwing van Infotheek.
De rechtbank weegt de persoonlijke omstandigheden van eiser mee, zoals ontevredenheid over werk-privébalans en reistijd, maar vindt deze niet zodanig dat hem geen verwijt kan worden gemaakt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser moet het teveel ontvangen bedrag terugbetalen.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en hij heeft geen recht op WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid.