Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 12 juni 2020 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
Beoordeling
Beslissing
mr. S.D.M. Michael en mr. G.J.W.M. Kipping, leden, in aanwezigheid van
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een derdelander zonder bekend verblijfsrecht in de EU, diende een aanvraag in voor een document op grond van artikel 9 Vreemdelingenwet Pro 2000. De staatssecretaris wees deze aanvraag af omdat eiseres haar identiteit en nationaliteit niet aannemelijk zou hebben gemaakt. Eiseres is moeder van drie Nederlandse kinderen en voert aan dat het weigeren van verblijf haar kinderen zou schaden, waarbij zij zich beroept op het arrest Chavez-Vilchez.
De rechtbank overweegt dat het arrest Chavez-Vilchez en eerdere jurisprudentie zoals Oulane en MRAX bepalen dat een derdelander in beginsel zijn identiteit moet bewijzen, maar dat bijzondere individuele omstandigheden kunnen maken dat het vasthouden aan deze eis onevenredig is. In dit geval is vastgesteld dat eiseres sinds 2002 geregistreerd staat bij Nederlandse instanties, een huwelijksakte heeft overgelegd die niet is betwist, en geen gevaar vormt voor de openbare orde.
De rechtbank concludeert dat de staatssecretaris ten onrechte heeft geoordeeld dat eiseres haar identiteit niet heeft aangetoond en dat het bestreden besluit ondeugdelijk is gemotiveerd. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en de staatssecretaris wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen rekening houdend met deze uitspraak. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, met opdracht tot hernieuwde besluitvorming.