Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
verzoekende partij,
gemachtigde: mr. T.Y. Tsang,
verwerende partij,
niet verschenen.
Rechtbank Den Haag
De verzoeker trad op 19 maart 2018 in dienst bij Idols Rijswijk BV als kok met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Op 16 februari 2020 werd hij op staande voet ontslagen zonder dat daarvoor een geldige reden bestond. De verzoeker stelde dat het ontslag niet onverwijld gegeven was en dat er geen dringende reden was, waardoor het ontslag onrechtmatig was.
De verzoeker vorderde een verklaring voor recht dat het ontslag onterecht was, een billijke vergoeding ter hoogte van acht maanden salaris, een vergoeding wegens schending van de aanzegplicht, betaling van achterstallig salaris en vakantiegeld, wettelijke rente, incassokosten en een bruto/netto specificatie.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag onterecht was en kende de billijke vergoeding van €12.449,84 toe, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 2 juni 2020. De verklaring voor recht, aanzegvergoeding, incassokosten en betaling van achterstallig salaris werden afgewezen wegens gebrek aan grondslag of onvoldoende onderbouwing. Idols werd veroordeeld tot het verstrekken van een deugdelijke bruto/netto specificatie onder dwangsom en tot vergoeding van de proceskosten.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en uitgesproken op 29 mei 2020 door kantonrechter I.D. Bellaart.
Uitkomst: Idols wordt veroordeeld tot betaling van een billijke vergoeding van acht maanden salaris wegens onterecht ontslag op staande voet.