Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[eiser] , eiser, V-nummer: [V-nummer]
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
ProcesverloopBij besluit van 29 juni 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als ongegrond.
Overwegingen
Als de mensheid een religie is, dan geloof ik in de mensheid. Als het geen religie is, dan geloof in energie.” Eiser geeft verder desgevraagd aan dat hij uiting geeft aan zijn geloof door zijn daden, dat je gewoon lief moet zijn tegen andere mensen en hen geen schade aan moet brengen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder ten aanzien van voornoemde verklaringen mogen stellen dat hieruit niet blijkt dat eiser is bekeerd tot een religie. Dat de gemachtigde van eiser in de correcties en aanvullingen op het gehoor stelt dat eiser met voornoemde verklaringen aangeeft dat hij gelooft in het humanisme, heeft verweerder niet hoeven volgen. Verweerder heeft tot de conclusie kunnen komen dat eiser geen religie aanhangt en heeft een bekering daarom niet als relevant element in het bestreden besluit op hoeven nemen. De stelling dat vanwege het ‘bondig horen’ onvoldoende is doorgevraagd ten aanzien van het gestelde geloof van eiser, volgt de rechtbank evenmin. Uit het nader gehoor blijkt dat eiser is gevraagd naar zijn overtuigingen en naar de uiting van zijn geloof.